Home
 
 
  Afkicken op de boerderij  
 
De Brabantse verslavingsinstituten Novadic en Kentron zijn op zoek naar boeren en boerinnen die verslaafden willen helpen bij het afkicken. Tussen de koeien zetten de verslaafden hun eerste stappen terug naar de maatschappij. “Hé Jo, gij kunt gewoon doorwerken hoor”, grapt Johan Bekkers tegen Jo van Balkom. Ruim een half jaar geleden was een dergelijke grap uit de mond van Bekkers nog ondenkbaar. En zeker niet tegen Van Balkom, eigenaar van boerderij De Kerkhoeve in Helvoirt waar Bekkers vecht tegen een zware alcoholverslaving.

De 53-jarige Bekkers is één van de negen cliënten van de Brabantse verslavingsinstituten Novadic en Kentron op de Helvoirtse boerderij. Door enkele dagen per week mee te draaien met boer Jo en boerin José van Balkom proberen zij weer enig ritme in hun leven te krijgen. En de drang naar verslavende middelen uit hun hoofd te weren. Liefst zouden ze nooit meer aan alcohol of drugs denken, maar dat lukt niet. “De zucht naar drank blíjft”, zegt Bekkers. “Ik zie het maar als een ziekte waarmee te leven is.” Het leven van Johan Bekkers kwam na zijn echtscheiding in 1992 op zijn kop te staan. Tijdens een rondleiding op het terrein van de boerderij doet hij zijn verhaal. Af en toe wordt het hem te machtig en loopt hij weg. “Ik dronk voor de scheiding ook al, maar vanaf toen nam het ernstige vormen aan. Ik werd afhankelijk van de drank.”

Toen Bekkers ook nog eens in de WAO terechtkwam, was er niets meer dat hem van de drank afhield. In 1996 kwam hij in aanraking met Novadic. Hij werd behandeld om van zijn alcoholverslaving af te komen. Dat lukt niet helemaal. “Ik val regelmatig terug. Het duurt niet lang, maar het gaat wel hard dan.” Dat onbedaarlijk drinken gebeurt volgens Bekkers vooral ‘als er problemen zijn’. “Dan wil ik me van de wereld zuipen.” Tegenwoordig heeft hij een stok achter de deur. “Ik slik medicijnen waar ik doodziek van word als ik alcohol drink.”

De Van Balkoms vormden hun melkveehouderij drie jaar geleden om tot een NovaFarm, de naam voor de zorgboerderijen van Novadic. Het echtpaar kreeg vanwege de bedrijfsvestiging in natuurgebied de Loonse en Drunense duinen geen toestemming voor uitbreiding van hun melkveehouderij. “We zochten een manier om toch een deel van ons inkomen veilig te stellen. Daarnaast wilden we iets voor andere mensen betekenen”, zegt Jo van Balkom. Het was in dezelfde tijd dat Peter van Mill namens Novadic op zoek was naar zorgboerderijen. “Vijftig jaar terug had elk psychiatrisch ziekenhuis een eigen boerderij", vertelt hij. “De patiënten waren goedkope arbeidskrachten die hun eigen eten verbouwden.” In de jaren tachtig zagen therapeuten volgens Van Mill niks meer in zorgboerderijen. “Zij wilden gesprekken en medicijnen voor de patiënten in plaats van werk op de boerderij." Dat veranderde een jaar of vijf geleden weer toen boerderijen door het uitbreken van varkenspest en MKZ in een negatief daglicht kwamen te staan. “De ZLTO adviseerde de boeren iets anders erbij te gaan doen", aldus Van Mill. Het was in die tijd dat Novadic een manier zocht om haar verslaafden werkend af te laten kicken. De samenwerking met de boeren was snel een feit. Op de boerderij functioneren de verslaafden als hulpboer. Er wordt niet gepraat, de boeren zijn geen therapeuten. Elke cliënt heeft wel een begeleider vanuit Novadic.

Zombie
Na een open dag op een andere boerderij bezocht te hebben gingen de Van Balkoms overstag. “Het is geweldig om te doen”, zegt José van Balkom. “De mensen komen soms als een zombie binnen en je ziet ze opbloeien. Dat geeft ons een heel goed gevoel.” Dat het echtpaar door Novadic betaald wordt voor het beschikbaar stellen van de boerderij, noemt ze bijzaak. “Daar moet je het niet voor doen. Ook niet voor het werk dat door de mensen verzet wordt, dat zijn geen bergen. Het gaat om het gevoel.” Het leven van de verslaafden op de boerderij begint ’s morgens met het drinken van koffie met de anderen. “Daarna schrapen we elke voormiddag de stront van de koeien de gierkelder in”, wijst Bekkers. “Eens in de zoveel tijd wordt die leeggepompt.” Vervolgens wordt de ‘kraamstal’ dagelijks voorzien van 350 kilo vers stro.

De middag wordt besteed aan klussen als het snoeien van bomen en struiken, het voederen van de konijnen, pauwen, kippen en koeien en het maken van een legheg, waar kleine dieren holletjes en nestjes kunnen maken. Halverwege de middag gaat Bekkers weer naar zijn huis in Den Bosch. De van oorsprong Oisterwijker beseft dat hij niet altijd op de boerderij van Jo en José van Balkom kan blijven. Hij heeft goede hoop op een dag zonder de hulp van Novadic te kunnen. “Je moet blijven vertrouwen in de toekomst. Ik ben in gesprek met de GGZ over dagactiviteiten. Hier op de boerderij geef ik graag rondleidingen aan schoolklassen. Iets met de natuur lijkt me daarom wel wat. Ik zou wel imker willen worden.”

Novadic heeft momenteel zes zorgboerderijen in Brabant. Op drie ervan, zoals die in Helvoirt, zijn de verslaafden overdag welkom en gaan ze 's avonds weer naar huis of een opvangadres voor daklozen. Op twee boerderijen wonen en werken de verslaafden. Ze mogen er maximaal zo’n vijf maanden blijven en worden dan geacht op eigen benen te kunnen staan. Er is pas één boerderij waar de cliënten van Novadic voor onbepaalde tijd wonen.

Dat laatste is volgens Van Mill wel het ideaalbeeld. "Ze leren op zo’n boerderij hun eigen boontjes te doppen. Ze moeten echt helemaal voor zichzelf zorgen. Dat is best moeilijk. Vergeet niet, de mensen die bij ons komen moeten vaak de basale dingen van het leven nog leren. Jezelf afmelden als je ziek bent bijvoorbeeld. In de praktijk blijkt dat cliënten het hier goed volhouden. Maar als ze terug moeten de harde wereld in, vervallen ze vaak in hun oude patroon. Het zijn voornamelijk de wat zwakkere mensen die bij ons komen en die gedijen het beste in een vaste groep. Ideaal is dus als ze permanent op de boerderijen kunnen blijven wonen."

Geen druppel
Mathieu Bongartz is de stallen van de koeien aan het verschonen. Hij doorstond onlangs een voor hem belangrijke test. “Jaren heb ik van ’s morgens tot ’s avonds gedronken. Sinds ruim een jaar woon ik in opvang De Driesprong in Den Bosch en heb ik geen druppel alcohol meer op. Omdat er een open dag was, moesten wij voor een keer ergens anders slapen. Anderen gingen meteen drinken en snuiven, ik heb niets gepakt.” De 58-jarige Bongartz werd eind 2001 uit zijn huis gegooid door zijn vrouw. “Tien jaar geleden werd ik arbeidsongeschikt. Sindsdien ben ik huisman. Mijn vrouw en ik dronken teveel en zijn op een gegeven moment gestopt. We dronken acht jaar niet maar hebben dat daarna weer ingehaald. Met alle gevolgen van dien. Je geeft nergens meer iets om. Stapt zat in de auto bijvoorbeeld. Ik ben wegens dronken rijden een jaar mijn rijbewijs kwijt geweest. Een jaar geleden barstte de bom en zette ze me op straat.”

De Bosschenaar zwierf een week door Rosmalen en kwam uiteindelijk via bekenden bij De Driesprong terecht. “Op het moment dat ik daar weer een dak boven mijn hoofd had besefte ik dat ik een klootzak was. Alleen maar drinken terwijl er zoveel meer in het leven is. Mijn 12-jarige zoon bijvoorbeeld.” Bongartz meldde zich bij Novadic. “Ik kreeg een kans om opnieuw te beginnen. Ik heb heel veel steun gehad.” Op de boerderij leerde Bongartz weer om met mensen en dieren om te gaan. “De anderen op de boerderij zijn je broers en zussen.” Twee dagen per week is hij in Helvoirt te vinden. Inmiddels gaat het zo goed dat hij drie andere dagen per week klusjes opknapt voor ouderen. “Ik help ze in de tuin, doe boodschappen, duw hun rolstoel en dam een potje met ze”, vertelt Bongartz. De boerderij wil hij over een tijdje verlaten om zich helemaal op het helpen van ouderen te storten. “Betaald werk kan niet meer omdat ik een verbrijzelde schouder heb. Ouderen helpen geeft mijn leven inhoud én ik word gewaardeerd.”

“De anderen op de boerderij zijn broers en zussen”
Omdat Bongartz weer zo opgekrabbeld is, mag hij zijn zoon weer zien. De Bosschenaar heeft één grote wens. “Een eigen huis. Nu heb ik het gevoel dat ik mijn poten elke avond onder de tafel van een ander steek. Ik wil heel graag een eigen huisje waar ik mijn zoon kan ontvangen.”

De boerderij in Helvoirt is de eerste waar ook mensen uit het verzorgingsgebied van Kentron komen. De bedoeling is volgens Van Mill dat die samenwerking uitgebreid wordt. Novadic zoekt dan ook naar nieuwe boerderijen, liefst in Midden-en West Brabant. Als het aan Van Mill ligt worden het plekken waar de verslaafden 'tien jaar in loondienst kunnen'. In dat kader wordt geprobeerd de zorgboerderijen aan te sluiten bij 'beschermd wonen' projecten van instellingen die zich richten op mensen die zich tijdelijk niet meer kunnen handhaven in hun eigen woonomgeving.

Of de verslaafden na hun periode op de boerderij weer een eigen plek vinden in de maatschappij, durft Van Mill niet te zeggen. “Verslaving is een sluipmoordenaar. Je kunt nooit zeggen of je er voor altijd vanaf bent. Ze moeten met hun verslaving kunnen functioneren. Bij de één lukt dat na een paar weken, bij de ander na een jaar. Maar voor hoe lang, weten we niet. Die ervaring ontbreekt omdat we pas drie jaar bezig zijn.”

Bron: Eindhovens dagblad

 
 
 
 
 
 
 
 
 
Google
 
 
Copyright 2008 by afkicken.info, All Rights Reserved